Je stem laten horen

Via de ondernemingsraad kun je meepraten over de organisatie waar je werkt en iets doen aan je persoonlijke ontwikkeling. Maar is het ook goed voor je loopbaan?
Meedenken over de organisatie en invloed uitoefenen op beslissingen; dat is wat Maurice te Riele (36) aanspreekt in de onder­nemingsraad (or). Te Riele is product development & sales support manager Europe and Americas voor de Business Unit Marine Protective Coatings bij SigmaKalon. Hij zit nu in het derde jaar van de vierjarige termijn die SigmaKalon als maximum hanteert. Daarnaast is hij lid van de cor, de centrale ondernemingsraad die op concernniveau opereert.

  Op de vraag of hij al te maken heeft gehad met moeilijke onderwerpen schiet Te Riele in de lach. “Je belt op het juiste moment. In juli heeft SigmaKalon een overnamebod gehad van het Amerikaanse PPG. We hebben net een adviesronde afgerond en het advies is positief.” Een behoorlijk gecompliceerde adviesaanvraag; hoe kun je hier als or goed over oordelen? Te Riele: “We hebben externe ondersteuning gehad, van FNV Formaat en een adviesbureau. Je zit als or tegenover echte professionals, je moet dus wel met iets zinnigs komen.” De moeilijke onderwerpen maken het uitdagend, vindt hij. “Deze trajecten zijn heel leerzaam, het is interessant om alle verschillende facetten te zien.”

 

SPEELBAL

  Moeilijke onderwerpen kunnen ook emotioneel zwaar zijn. L, die anoniem wil blijven, heeft te maken gehad met reorganisaties waarbij banen moesten verdwijnen. “Dat is moeilijk. Het gaat dan echt over mensen, over collega’s die op straat komen te staan.” Dat je als or-lid ook impopulaire besluiten moet nemen viel L rauw op haar dak. “Ik dacht dat je de belangen van de werknemer moest behartigen, maar je zit er ook voor de belangen van de werkgever.”

  Die dubbele taak kan ertoe leiden dat de or in het gedrang komt, vooral als de organisatie heel hiërarchisch is. L: “Je kunt heel snel een speelbal worden van conflicterende belangen. Ik kreeg ooit te maken met een adviesaanvraag van mijn direct leidinggevende. Ik heb me daar toen bewust niet mee beziggehouden, maar hij probeerde wel via mij invloed uit te oefenen op het proces.”

  De twee jaar in de or hebben gemengde ervaringen opgeleverd. L: “Wat me echt tegenviel waren de politieke spelletjes binnen de or en de vastgeroeste patronen. Positief is dat ik veel mensen heb leren kennen binnen het bedrijf en dat ik heel veel heb geleerd over hoe je met complexe onderwerpen moet omgaan.”

 

VAK

  De onderwerpen waarmee de or geconfronteerd wordt zijn voor de meeste leden geen dagelijkse kost. Externe ondersteuning en training kunnen helpen om goed beslagen ten ijs te komen. “Lid zijn van de or is echt een vak, dat moet je leren”, zegt Gerda van Leeuwen, trainer en manager bij SBI Training & Advies dat gespecialiseerd is in het trainen en begeleiden van ondernemingsraden. “Voor het management is het de dagelijkse praktijk, voor de meeste or-leden niet. Wij zien dat or-leden en ook complete ondernemings­raden die regelmatig trainingen volgen veel sneller groeien en daardoor hun meedenkende rol veel sterker kunnen neerzetten. En een or die goed functioneert heeft meer toegevoegde waarde voor een organisatie, dan heb je als bestuurder of algemeen directeur er ook echt iets aan.” Ze wijst erop dat de or scholingsrecht heeft, de organisatie moet middelen vrijmaken voor training.

  Van Leeuwen heeft de afgelopen jaren heel wat or-leden voorbij zien komen. De motivaties van Te Riele en L – nieuwsgierigheid, meer willen leren over het bedrijf en mee willen praten – herkent ze absoluut. “Deze drijfveren zie ik het meest en het zijn goede motivaties. De behoefte aan persoonlijke ontwikkeling komt vaak pas in tweede instantie naar voren, als mensen enige ervaring met het or-werk hebben opgedaan.” Ziet ze ook ‘foute’ motivaties voorbij komen? “Heel af en toe kom je mensen tegen die via de or hun baan willen veiligstellen. Het idee dat je als or-lid niet ontslagen kunt worden is echter een illusie, als jouw functie verdwijnt ben je weg, or-lid of niet.” Ontevredenheid over je werk is ook een slechte motivatie, zegt L. “Of in de or gaan om je gram te halen over iets. Die mensen voegen weinig toe.”

 

STEUN

  Via de or leer je veel over de organisatie en over nieuwe onderwerpen (bijvoorbeeld financiën, personeelsbeleid, strategie). Is dit een goede stimulans voor je carrière? Geen van de drie geïnterviewden kan hier een absoluut ‘ja’ of ‘nee’ op antwoorden. Steun van je leidinggevende is in ieder geval belangrijk. L: “Mijn leidinggevende vond het niks dat ik werktijd aan de or besteedde en hij heeft intensief op me ingepraat om het niet te doen.” In zo’n klimaat is je or-lidmaatschap geen voordeel. Van Leeuwen: “De organisatie moet wel positief staan ten opzichte van medezeggenschap.”

  De positieve houding binnen SigmaKalon ten opzichte van de or heeft voor

Te Riele meegespeeld bij zijn overweging lid te worden. “Je gooit hier niet je eigen glazen in. Ik ken verhalen van andere bedrijven waar dat wel zo is. Voor mezelf is het goed omdat ik me persoonlijk verder ontwikkel en dat kan gunstig zijn voor mijn loopbaan.” Een keiharde carrièrebooster is het niet volgens L. “Voor je loopbaan is het veel belangrijker om goed te zijn in je werk.”

 

IN DE OR?

Ja, als je:

• geïnteresseerd bent in het reilen en zeilen van de organisatie waar je werkt

• wilt meedenken over de organisatie en invloed wilt uitoefenen

• meer wilt leren over zaken die niet direct met je baan te maken hebben

• wilt werken aan je persoonlijke ontwikkeling

Nee, als je:

• het alleen doet om aan je carrière te werken

• je werk niet leuk vindt en afleiding zoekt

• hiermee je eigen baan wilt veiligstellen

 

Bron: C2W

Auteur: Esther Thole