De nieuwe banenmotor van Nederland

In de maritieme sector is sprake van langlopende contracten - met een innovatief karakter - die voorbij de huidige economische malaise lijken te kijken. Als we dit blijven koesteren en erin blijven investeren, kan de maritieme sector de banenmotor van Nederland worden.

Begin dit jaar publiceerde Stichting Nederland Maritiem Land (NML) de Monitor Maritieme Arbeidsmarkt 2008. NML deed dit in opdracht van het directoraat-generaal Luchtvaart en

Maritieme Zaken (DGLM) van het ministerie van Verkeer en Waterstaat. Ruim 900 bedrijven uit de gehele maritieme cluster hebben deelgenomen aan dit onderzoek door het invullen van vragenlijsten.

  In 2006 werkten er 133.400 mensen in de maritieme sector. De werkgelegenheid steeg in 2007 naar 138.700, een groei van 4 procent. Vooral in de zeevaart (+9,5 procent) en de scheepsbouw (+8,5 procent) nam de werkgelegenheid sterk toe.

 

WERKGELEGENHEID

In de meeste sectoren verwachten de bedrijven volgens de monitor een blijvende groei van de werkgelegenheid. De grootste groei voor de komende jaren wordt verwacht in de zeehavens, offshore en binnenvaart. De marine en de visserij verwachten dat de dalende tendens in werkgelegenheid zich de komende jaren voortzet.

  Dit is wat bedrijven verwachten op basis van de hoogconjunctuur die heerste van 2000 tot met de eerste helft van 2008. De gevolgen voor de maritieme cluster lijken per sector zwaar te verschillen. Aan de ene kant zag de koopvaardij al in september 2008 de ladingstromen teruglopen en de ladingtarieven kelderen. Zij waren feilloos in staat de crisis te voorspellen. Vooral de transportgeoriënteerde sectoren krijgen het zwaar. Aan de andere kant werkt de waterbouw en complexe scheepsbouw met langlopende contracten en volle orderportefeuilles en daar is het effect op de lange termijn simpelweg nog niet bekend.

  Niko Wijnolst, voorzitter NML, is in het voorwoord van de monitor maritieme arbeidsmarkt gematigd positief: “De Nederlandse maritieme cluster staat daarbij relatief goed gesteld. De keuze voor nichemarkten, internationalisatie en complexe en hoogwaardige producten en diensten biedt een zo goed mogelijke bescherming bij deze economische teruggang. Maar ook de uitgesproken overtuiging van de maritieme ondernemers dat mensen het kapitaal voor de onderneming vormen en dat het bedrijfsleven moet blijven investeren in opleidingen en het in dienst nemen van jong talent, bieden kansen waarmee de Nederlandse maritieme cluster deze crisis aankan.”

 

OPMERKELIJKE ONTWIKKELINGEN

Ook de scheepsbouw en zijn toeleveranciers zullen het effect van de economische crisis gaan merken, ondanks dat werven niet meteen in de problemen raken. Rederijen zullen geen nieuwe schepen laten bouwen en als ze dat wel willen, hebben ze problemen om de financiering rond te krijgen. Toch zijn er een aantal opmerkelijke ontwikkelingen voorbijgekomen de laatste maanden.

  Zo haalde in China en India scheepsbouwer IHC Merwede dit najaar voor 300 miljoen euro aan orders binnen voor de bouw van baggerschepen. Dit betekent jaren werk voor tientallen toeleveranciers. Timo Bindels, hoofd P&O IHC Beaver Dredgers bij IHC Merwede: “De orderportefeuille van IHC Merwede is nog altijd goed gevuld. De werkvoorraad omvat grote custom built bagger- en offshoreschepen, standaardschepen en een enorme variëteit aan technologisch geavanceerd equipment. Op basis van de orderportefeuille en de gezonde financiële positie kijkt IHC Merwede, over de crisis heen, vol vertrouwen naar de toekomst. Daarom blijft de behoefte aan goed gekwalificeerde medewerkers onverminderd groot. Het bedrijf zoekt ruim 200 medewerkers. De functies variëren van vmbo- tot wo-niveau en liggen vooral op het vlak van productie en engineering.”

  Een andere opmerkelijke ontwikkeling betreft het feit dat Nederlandse ingenieursbureaus als DHV, Arcadis en Royal Haskoning op verschillende plaatsen in de wereld betrokken zijn bij grote waterbouwprojecten. Voorbeelden zijn de renovatie van het Suezkanaal en het Panamakanaal en complexe stormvloedkeringen voor Sint-Petersburg en New Orleans.

 

OPLEIDEN

Begin 2008 ging de sector uit van 2500 nieuwe banen per jaar. Henk van Beers is manager onderwijs- en arbeidsmarktzaken bij branchevereniging Scheepsbouw Nederland en kent de oorzaken. “Door vergrijzing in de sector blijven we personeel nodig hebben. Daarnaast hebben we de afgelopen jaren veel werven en toeleveranciers zien uitbreiden en die nieuwe faciliteiten moeten allemaal bemand worden.”

  De vergrijzing in de maritieme cluster is in de meeste sectoren hoger dan gemiddeld in Nederland. Het risico dat vergrijzing in deze sectoren leidt tot knelpunten in de personeelsvoorziening is om deze reden groter dan in andere sectoren. De problemen zijn het grootst in de scheepsbouw, gevolgd door de maritieme dienstverlening, de maritieme toeleveringsindustrie en de zeehavens. Bovendien is het aandeel jongeren tot 25 jaar in de maritieme cluster lager dan in Nederland (16 procent). De marine is hierop een uitzondering, met 26 procent van de werknemers onder de 25 jaar.

  Door de vergrijzing zijn er arbeidskrachten nodig op alle niveaus. Van Beers: “Van lasser op niveau twee tot en met de maritiem ingenieur van de TU.” Ook de beroepsgroepen in de sector zijn divers, zegt Van Beers: “Pijpfitters, monteurs, projectleiders, inkopers, ontwerpers, et cetera.”

  De kredietcrisis remt het aannemen van personeel, dat is zonder meer een effect in de sector. Van Beers: “Tegelijk realiseren werkgevers zich dat borging van vakmanschap en opleidingen de komende jaren van eminent belang blijven. De opleidingsplannen in bedrijven in de maritieme sector gaan daarom gewoon door en dat is natuurlijk alleen maar toe te juichen.”

 

FLEXIBELE ARBEID

In de maritieme cluster in Nederland wordt vaker dan gemiddeld gebruikgemaakt van flexibele arbeid. Dat bestaat enerzijds uit geleend personeel van bijvoorbeeld detacheringbureaus, en anderzijds uit personeel op de loonlijst met een tijdelijk contract. Vooral in de zeevaart maakt men veel gebruik van flexibele arbeid (64 procent), maar ook in de scheepsbouw (18 procent), waterbouw (15 procent) en offshore (13 procent) vindt veel flexibele arbeid plaats. Dit maakt de rol van detacheringbureaus belangrijk.

  Eric van Viersen is als consulent druk met detachering en werving bij detacheringbureau Mercuri Urval. Hij ziet ook dat bedrijven over de breedte voorzichtig zijn: “Toch is er nog voldoende werk”, vertelt Van Viersen, “een paar bedrijven investeren anticyclisch: ze nemen nu jong technisch personeel aan en leiden ze op voor betere tijden.”

  In de afgelopen periode met grote schaarste op de arbeidsmarkt was het lastig voor bedrijven om te investeren in het opleiden van technici zonder maritiem technische achtergrond. Van Viersen: “Bedrijven die nu durven te investeren in technisch personeel hebben later een voorsprong bij een aantrekkende markt.”

 

WERVINGSCAMPAGNE

Imtech is een bedrijf met een dergelijk anticyclisch personeelsbeleid. Imtech (technische dienstverlening in Europa) startte begin dit jaar de grootschalige wervingscampagne met als thema #The Dutch Guy#. De campagne is in het leven geroepen om duidelijk te maken dat Imtech juist nu in Nederland op zoek is naar technische probleemoplossers (monteurs, technici en ICT’ers) voor zijn technische projecten. Gezien het huidige arbeidsklimaat (veel technici op de arbeidsmarkt) en de groeidoelstellingen van Imtech is gekozen voor deze campagne.

Begin januari 2009 heeft René van der Bruggen, voorzitter Raad van Bestuur van Imtech, laten weten dat de orderportefeuille van Imtech met 18 procent is toegenomen en uitkomt op circa 4,5 miljard euro. Imtech kent nog honderden openstaande vacatures.

  In de offshore-industrie zijn bedrijven ook niet onwillig om technisch personeel te blijven aannemen. De laatste resten olie en gas op aarde liggen diep weggestopt onder het poolijs of op 2000 meter waterdiepte. Dat vraagt om complexe apparatuur. Fred Kofman, woordvoerder van Huisman Equipment: “Wij ontwikkelen ons in complexe offshore equipment, zoals twee moderne stenenstorters die op 2000 meter waterdiepte olieleidingen met stenen bedekken. Huisman kan qua opdrachten nog jaren vooruit. Door marktverbreding verwachten we niet veel hinder van de huidige kredietcrisis. Voor onze grote orderportefeuille zoeken we vele tientallen technici, vooral voor ontwerp en sterkteberekeningen. Sinds september werken we aan een groot boorschip voor marktleider Noble Drilling.”

 

VLIEGENDE START

Het innovatieve karakter van scheepsbouwprojecten zou dus topprioriteit moeten zijn. Alleen op die manier kan de maritieme industrie de nieuwe banenmotor van Nederland worden. Blijven inzetten op innovatie, als de crisis dan voorbij trekt maak je een vliegende start. Deze houding is zowel gunstig voor werkgevers die moeilijk te vervullen vacatures willen vervullen, als voor jonge gasten die in deze roerige economische tijden de arbeidsmarkt willen betreden.

 

Bron: Maritiem Nederland Nr. 2 2009

Auteurs: Guido van den Heuvel en Jan Spoelstra